Engels

 

 

 

 

Circulaire Economie

Welke ambitie ligt er nu in Nederland en in Europa?

In Nederland en Europa wordt de urgentie van een transitie naar een circulaire economie opgemerkt. Als gevolg zijn er door de EU en de Nederlandse overheid doelen opgesteld om een meer circulair systeem te realiseren. In Nederland is een rijksbrede visie opgesteld en voor de EU liggen er verschillende concrete ambities voor het werken aan een circulaire economie.

Nationaal niveau

Rijksbreed programma Circulaire Economie

In oktober 2016 is het Rijksbrede Programma Circulaire Economie gepresenteerd. In dit stuk, getiteld Nederland Circulair in 2050 is, namens meerdere ministeries, een rijksbreed plan opgesteld voor de succesvolle implementatie van de circulaire economie, dat is uitgegaan van het SER-adviesrapport over de circulaire economie.

De ambitie die in dit plan wordt geformuleerd is om in 2030 50% minder primaire grondstoffen te gebruiken dan nu, en om in 2050 een volledig circulaire nationale economie te hebben. Om deze ambitie te bereiken is er door de overheid en partijen uit het bedrijfsleven in januari 2017 een intentieovereenkomst gesloten: het Grondstoffenakkoord. Hierin zijn de volgende drie algemene doelstellingen geformuleerd:

  • grondstoffen in bestaande ketens worden efficiënt en hoogwaardig benut;
  • waar nieuwe grondstoffen nodig zijn, worden waar mogelijk fossiele, kritieke en niet-duurzaam geproduceerde grondstoffen vervangen door duurzaam geproduceerde, hernieuwbare en algemeen beschikbare grondstoffen;
  • nieuwe productiemethodes en producten worden circulair ontworpen, gebieden anders ingericht en nieuwe manieren van consumeren bevorderd waardoor de gewenste reductie, vervanging en benutting van grondstoffen ter versterking van de economie een extra impuls krijgt.

Het akkoord kan hier nog steeds digitaal ondertekend worden. Er hebben inmiddels ruim 325 partijen getekend.

Om deze doelen te bereiken zijn er zes centrale interventies gedefinieerd, welke nu praktisch worden uitgewerkt in transitiepaden voor verschillende sectoren:

  1. Stimulerende wet- en regelgeving: wetgeving moet ruimte bieden aan circulaire initiatieven door meer experimenteerruimte te bieden, Europese regels omtrent nutriënten, recycling en hergebruik aan te passen, circulaire verdienmodellen, recycling en hergebruik te stimuleren en een integrale ketenaanpak te stimuleren;
  2. Slimme marktprikkels: het bestaande instrumentarium van fiscaliteit, heffingen en subsidies kan beter worden afgestemd op de transitie naar een circulaire economie. Daarnaast zet de overhei­­­­­­d in op 10% circulair inkopen in 2020;
  3. Financiering: investeren in duurzame ontwikkeling in Nederland moet verder gestimuleerd worden;
  4. Kennis en innovatie: het kabinet wil de gezamenlijke aandacht voor de circulaire economie versterken in de relevantie transitieroutes van de Nationale Wetenschapsagenda (NWA) en in de verschillende topsectoren in het innovatiebeleid;
  5. Internationale samenwerking: Nederland moet worden neergezet als internationale circulaire hotspot.
  6. Gedragsinterventie: om de transitie te doen landen in de maatschappij moet nagedacht worden over de manier waarop het gedrag van organisaties en individuen duurzamer kan worden.

Om gestalte te geven aan de bovenstaande interventies werkt de overheid samen met het bedrijfsleven in het opstellen van transitieagenda’s. Deze transitieagenda’s zullen de veranderstrategie uitzetten voor de komende vijf jaar. De overheid heeft vijf prioritaire sectoren gedefinieerd; sectoren waarin er veel winst behaald kan worden middels de circulaire economie. Uit deze vijf sectoren zijn vijf transitieteams samengesteld, met prominente spelers uit elke sector. De vijf sectoren zijn:

  1. Consumentengoederen
  2. Bouw
  3. Kunststoffen
  4. Biomassa en voedsel
  5. Maakindustrie

Elke transitieagenda bevat afspraken over:

  1. Ontwikkelrichtingen voor 2021, 2025 en 2030;
  2. Actieagenda met concrete innovatieprojecten;
  3. Kennisagenda waar kennis- en onderzoeksvragen worden geagendeerd;
  4. Sociale agenda met aandacht voor arbeidsmarkteffecten, onderwijs en cultuuromslag;
  5. Investeringsagenda met financiële belemmeringen en mogelijkheden.

In november 2017 zullen de transitieteams hun definitieve transitieagenda’s opleveren, waarin de specifieke veranderstrategie voor elke sector uiteengezet zal zijn. De officiële overhandiging van de transitieagenda’s aan de initiatiefnemers van het Grondstoffenakkoord zal op 15 januari 2018 plaatsvinden, aan het begin van de Week van de Circulaire Economie. Nieuws over de voortgang van het Rijksbrede Programma Circulaire Economie is hier op hun website te lezen.

De overheid heeft ook de ambitie om circulaire start-ups te gaan ondersteunen.

Van Afval Naar Grondstof (VANG)

In het VANG programma worden een aantal ambities genoemd die een circulaire economie dichterbij zullen brengen door anders om te gaan met afval:

  1. Belemmeringen wegnemen: de ambitie is om belemmeringen die ondernemers ervaren bij het circulair maken van hun productieprocessen en het hergebruiken van reststromen waar mogelijk weg te nemen;
  2. Minder materiaal verlaat de economie: de ambitie is de hoeveelheid materiaal die de economie verlaat zichtbaar te verminderen. In 2012 werd er nog 9,2 Mton materiaal uit Nederland aangeboden bij afvalverbrandingsinstallaties en stortplaatsen. Streven is deze hoeveelheid in tien jaar tijd te halveren;
  3. Beter scheiden huishoudelijk afval en vergelijkbare stromen: voor het scheiden van huishoudelijk afval heeft dit kabinet de ambitie om te komen tot 75% afvalscheiding in 2020. Deze ambitie is geconcretiseerd tot 100 kg restafval per inwoner per jaar;
  4. Nederland Hotspot circulaire economie: de ambitie van het kabinet is om Nederland in 2020 een hotspot van de circulaire economie te laten zijn. Deze ambitie is meer kwalitatief van karakter en is vooral bedoeld als wenkend perspectief.

Bron: Voortgangsrapportage VANG

Topsectoren

De Kennis en Innovatieagenda’s van de topsectoren zullen ook een passage bevatten over de bijdrage aan maatschappelijke opgaven, waaronder circulaire economie.

Europees niveau

Klimaatakkoord Parijs

Op 12 december 2015 is in Parijs het klimaatakkoord gesloten waarbij 195 landen ervoort tekenden om de opwarming van de aarde onder de 2 graden Celcius te houden, met 1,5 graad als streven. Staatssecretaris Dijksma van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu tekende dit akkoord op 22 april 2016 namens de 28 lidstaten van de Europese Unie. Dit akkoord zal ingaan zodra het huidige klimaatakkoord, het Kyoto-protocol, afloopt in 2020. Alle deelnemende landen zullen acties ondernemen om hun land klimaatneutraal te ontwikkelen. Elke vijf jaar zullen deze landen nieuwe, steeds ambitieuzere, doelstellingen presenteren en zal de voortgang gezamenlijk geëvalueerd worden. Een belangrijke doelstelling is dat de rijke, ontwikkelde landen ontwikkelingslanden door middel van geld moeten gaan helpen hun uitstoot te verminderen.

(Bron: Klimaattop 2016)

EU Circular economy package

Vanuit de Europese Commissie is begin december 2015 een nieuw voorstel voor een actieplan voor het implementeren van de circulaire economie verschenen. In dit ambitieuze rapport is een actieplan opgenomen waarin de hele materiaal kringloop wordt meegenomen. Door deze plannen te volgen de kringloop te sluiten door middel van meer recycling en hergebruik kunnen er voordelen voor zowel het milieu als de economie.

Bijgaand is een nieuw voorstel voor wetgeving op het gebied van afvalwerking opgesteld. Hierin is opgenomen:

  • Het doel om in heel de EU 65% van huishoudelijk afval te recyclen in 2030
  • Het doel om in heel de EU 75% van verpakkingsafval te recyclen in 2030
  • Het doel om maximaal 10% van huishoudelijk afval op stortplaatsen te storten in 2030
  • Een verbod op het afvalstorten van afzonderlijke afvalstromen
  • Voorstellen voor economische instrumenten om afvalstort te ontmoedigen
  • Verbeterde definities en rekenmethodes om recycling rates te meten
  • Concrete voorstellen om hergebruik en industrial symbiosis te promoten
  • Economische stimulansen om ‘groenere’ producten om de markt te zetten en recycling en hergebruik te ondersteunen.

(European Commission, 2014)

Voortgang per 2017

In januari 2017 heeft de Europese Commissie een voortgangsrapport gepubliceerd en zijn er een aantal nieuwe activiteiten gerapporteerd, waaronder het opzetten van een Circular Economy Finance Support Platform met de European Investment Bank (IEB), een plan voor de winning van energie uit afval en een plan voor het verbeteren van de wetgeving rondom het gebruik van gevaarlijke stoffen in de productie van elektrische en elektronische apparatuur.

De EU Commissie zet in 2017 in op een strategie voor plastic afval, een verkenning van de opties voor een verbeterde interface tussen chemicaliën, producten en afvalwetgeving en een voorstel voor vernieuwde wetgeving over hergebruik van water en een framework voor het monitoren van circulaire economie.

In maart 2017 is de Circular Economy Stakeholder Conference in Brussel georganiseerd (de verslagen zijn hier en hier te lezen), waar de voortgang van het programma besproken is. Tijdens deze conferentie is de lancering van het European Circular Economy Stakeholder Platform aangekondigd. Dit platform heeft tot doel een ‘netwerk van netwerken’ te zijn waar kennis over circulaire economie verzameld wordt en een dialoog tussen stakeholders mogelijk wordt gemaakt.

Nieuws over de voortgang van het Europese programma is te lezen op de website van de Europese Commissie.

Sustainable development goals

Door de VN zijn 17 Sustainable Development Goals (SDG’s) geformuleerd die voor alle deelnemende landen doelen voorschrijven die leiden tot een duurzamere wereld. Van deze doelen zijn vooral doel 8 (decent work and economic growth) en doel 12 (responsible production and consumption) sterk gerelateerd aan het bereiken van een circulaire economie.

Zie sustainabledevelopment.un.org