Engels

 

 

 

 

Circulaire Economie

Hoe maken we de bouw circulair?

De bouw vormt de grootste materiaalopslag en afvalstroom in de economie. Elk jaar wordt alleen al in de Metropoolregio Amsterdam 1,4 miljoen ton sloopmateriaal verwerkt, met een potentiële waarde van €688 miljoen. Tegelijkertijd drukt de productie van nieuw bouwmateriaal zwaar op het milieu. Met hoogwaardige recycling, demontabel én modulair bouwen kan die waarde benut worden en het milieu worden gespaard.

In dit artikel wordt besproken wat de kansen en barrières zijn om de materiaalstromen in de bouw te sluiten, met voorbeelden van ondernemers die hiermee aan de slag zijn gegaan.

Figuur 1: In Nederland werden er in 2018 bijna 66 duizend nieuwbouwwoningen gebouwd (CBS, 2019).

De kansen

De bouw heeft zoveel facetten, dat bedrijven en bestuurders met veel strategieën aan de slag kunnen om de bouw circulairder te maken. Vijf belangrijke methodes zijn:

  • Hoogwaardig recyclen van sloopafval, zodat er minder primaire grondstoffen nodig zijn;
  • Administreren van materialen, zodat waarde van grondstoffen behouden blijft;
  • Demontabel bouwen, zodat onderdelen van een gebouw hergebruikt kunnen worden;
  • Modulair bouwen, zodat gebouwen aangepast kunnen worden aan nieuwe functies;
  • Ontwerpen voor collectief gebruik, zodat bewoners gebouwen en spullen kunnen delen.

Veel ondernemers zijn actief met deze strategieën. Hieronder voorbeelden van bedrijven die zich inzetten voor hoogwaardige recycling, administratie van materialen, en demontabel bouwen.

Verkoop van gerecycled beton

Beton is de meestgebruikte grondstof in de bouw (zie kader over beton). De Rutte Groep en New Horizon hebben samen een verwerkingsinstallatie opgezet die de waardevolste component uit gebruikt beton, cement, kan herwinnen. Ze vermarkten dit cement met succes onder de naam Freement, en zijn op dit moment hun verwerkingsinstallatie aan het opschalen.

Bedrijven die aan de slag willen met gerecycled bouwmateriaal, kunnen producten aanbieden of kopen via de website: www.oogstkaart.nl en de Excess Materials Exchange.

Een kantoor als materialendepot

Om de waarde van materialen in een gebouw te behouden, moet bekend zijn wat hun soort en kwaliteit is. Het bedrijf Madaster faciliteert het vastleggen van deze informatie aan de hand van een grondstoffenpaspoort en een online platform. Het grondstoffenpaspoort stelt de identiteit en het gebruik van materialen vast, waarna deze informatie ontsloten wordt via een online platform. Dit platform fungeert als een publieke bibliotheek van materialen in de gebouwde omgeving. Madaster toont aan dat het letterlijk de moeite waard is om de stromen van bouwmaterialen te inventariseren en beschikbaar te maken.

Bedrijven die aan de slag willen met circulair bouwen, kunnen informatie inwinnen bij het secretariaat en de partners van het Platform CB’23.

Verdienen met demontabele rechtbank

Een consortium dat de potentie van demontabel bouwen heeft laten zien is DPCP. Dit samenwerkingsverband van acht bedrijven kreeg van het Rijksvastgoedbedrijf de opdracht om een tijdelijke rechtbank te bouwen. Deze verving de oorspronkelijk rechtbank tijdens een verbouwing. DPCP heeft het gebouw zo ontworpen dat ze na 5 jaar de wanden, vloeren en ramen weer kunnen ontkoppelen om deze elders op te bouwen. DPCP blijft eigenaar van de onderdelen, dus zo kunnen ze na het eerste gebruik het gebouw in een nieuwe vorm weer aan een andere partij verhuren.

Bedrijven die aan de slag willen met circulaire bouwstrategieën, waaronder demontabel bouwen, kunnen advies inwinnen bij Copper8.

Ecologische en economische winst

Het sluiten van kringlopen in de bouwsector zou de kosten van materiaal en milieu-impact significant verlagen. Zoals eerder genoemd, schuilt in sloopmateriaal een grote waarde, mits deze hoogwaardig wordt hergebruikt. Op het moment wordt 90% van al het materiaal in de bouw na gebruik opnieuw ingezet, maar vaak op een laagwaardige manier, zoals bij beton. Dr2 New Economy en Metabolic (2018) hebben berekend dat er in de Metropoolregio Amsterdam jaarlijks meer dan €300 miljoen verdient zou kunnen worden met het verwaarden van sloopmateriaal. Voor heel Nederland zou dit bedrag waarschijnlijk oplopen tot een miljard euro.

Het overschakelen naar een circulaire bouwsector biedt voor nagenoeg alle partners in de keten kansen. Volgens onderzoek van ING zouden alleen toeleveranciers van lowtech bouwmaterialen minder voordelen ondervinden van deze transitie (figuur 2).

Figuur 2: Gevolgen voor ketenpartners bij circulair bouwen (ING, 2017)

Naast deze economische waarde, zou hoogwaardig hergebruik van bouwmateriaal ook de milieudruk van de sector aanzienlijk verlagen. Op dit moment is de bouw verantwoordelijk voor 5% van de totale Nederlandse CO2-uitstoot. Een groot deel hiervan gaat naar de productie van bouwmaterialen. Deze uitstoot zou dus beduidend lager zijn als er gebouwd werd met hergebruikt materiaal. Wel moet hierbij genoemd worden dat Nederland meer gebouwen bouwt dan sloopt, dus netto zal een import van grondstoffen blijven bestaan.

Beton als voorbeeld

Lees meer

Beton is het meest gebruikte bouwmateriaal ter wereld. Ook in Nederland is bijna de helft van ons bouwmateriaal beton: 15 miljoen m3 per jaar (Dr2 New Economy, 2018). Beton wordt gemaakt van grind, zand en cement en is populair door haar lage prijs, sterkte en levensduur. Het nadeel van beton is dat het productieproces van cement veel energie vergt. Hierdoor zorgt de productie van beton momenteel voor de uitstoot van veel broeikasgassen. De milieu-impact van beton zou aanzienlijk worden verlaagd, als oud beton ingezet wordt voor nieuw beton. Op dit moment wordt echter het merendeel van beton na gebruik ingezet als ophoging of wegfundering (figuur 3). Dankzij nieuwe verwerkingstechnieken kan de helft van het cement herwonnen worden uit gebruikt beton. De overige helft kan elders toegepast worden in de bouw. Om het gebruik van dit soort technieken op grote schaal mogelijk te maken, hebben 4 ministeries en 50 bouwbedrijven het Betonakkoord getekend. In dit akkoord spreken producenten, opdrachtgevers en aannemers af om vergaand samen te werken om zo in 2030 100% van vrijkomend beton hoogwaardig her te gebruiken. De overheid heeft hiervoor toegezegd om vanaf 2023 als criterium in haar aanbestedingen op te nemen dat er gerecycled beton wordt gebruikt (Rijkswaterstaat, 2018).

Figuur 3: Beton in gebouwen en andere werken (PBL, 2017)

De barrières

Ondanks de voordelen van een circulaire bouwsector, zijn er nog vier factoren die een ontwikkeling hiernaartoe belemmeren: marktontwikkeling, meetmethodes, beleid, en kennis (Nelissen et al. 2018).

Marktontwikkeling

De vraag naar circulaire bouwprojecten leunt nog sterk op publieke aanbestedingen, omdat modulaire of demontabele bouwprojecten vaak nog duurder zijn dan lineaire bouwbenaderingen. Het innovatieve karakter en geringe aanbod van circulaire bouwoplossingen zorgt voor hogere investeringskosten. Tegelijkertijd duurt het jaren voordat eventuele besparingen of verdiensten bij renovatie of demontage van het gebouw zich terugverdienen. Voor acceptatie in de markt moet circulair bouwen dus een meerwaarde krijgen. Hiervoor is het essentieel dat er meetmethodes zijn en meer kennis is over deze waarde bij bouwers, opdrachtgevers, financierders en andere partijen in de keten.

Meetmethodes

Als de meerwaarde van circulair bouwen voor het milieu, gezondheid, comfort, veiligheid en de gebruikskosten aantoonbaar gemaakt kunnen worden, zal de vraag naar circulair bouwen toenemen. Zodra een kredietverlener de waarde van de grondstoffen in een demontabel gebouw niet kan taxeren, kan hij/zij deze niet meenemen in de berekening. Hiervoor zijn dus gestandaardiseerde meetmethodes nodig. Echter moeten alle partners in de keten betrokken worden om een meetmethode effectief en geaccepteerd te krijgen. Wel kan zo’n meet- en certificeringsmethode voortbouwen op bestaande methodes, zoals de MilieuPrestatie Gebouwen (MPG) en de Nationale Milieu Database (NMD).

Kennis

Noodzakelijk voor de ontwikkeling van de markt en gestandaardiseerde meetmethodes is het opbouwen van kennis in alle onderdelen van de keten. Een gebouw kan nog zo circulair ontworpen zijn, maar als een onderaannemer de voegen dicht met purschuim, is het alsnog niet circulair. Om dit kennisniveau te halen, moeten opleidingen op alle niveaus – van WO tot VMBO – worden geactualiseerd. Daarnaast moeten er speciale bijscholingstrajecten worden aangeboden.

Beleid

Lees meer

Zoals uitgelegd, wordt circulair bouwen pas interessant als de meerwaarde gemeten en erkend wordt. Beleid van overheden kan hieraan bijdragen door zich als launching customer aan te dienen, en de ontwikkeling van meetmethodes en kennis in de keten te regisseren. Daarnaast is er ook experimenteerruimte nodig in de regels, zodat bedrijven kunnen experimenteren met nieuwe bouwmethodes en financiële constructies. Daarnaast zijn de verdiensten van circulair bouwen pas voelbaar op de lange termijn. De overheid is daarom bij uitstek de partij die de ontwikkeling van circulair bouwen kan inzetten.