Engels

Mijn Leefomgeving

Hoe kan ik goed samenwerken met de gemeente?

In heel Nederland zie je steeds meer bewoners(groepen) en wijkondernemers het initiatief nemen op gebieden die voorheen de overheid oppakte, zoals de opwekking van energie of het beheer van een buurttuin. Ook gemeentes onderkennen dit steeds meer. Ambtenaren faciliteren steeds vaker initiatieven van bewoners in plaats van het concentreren op het naleven van regels.

De nieuwe omgevingswet, die in 2021 in werking treedt, vereenvoudigt de regels voor ruimtelijke ontwikkeling. Maar het geeft ook een andere kijk op ruimtelijke ontwikkeling. Wat is er nodig voor een groene, circulaire, energie-neutrale, klimaat-adaptieve, natuur-inclusieve, gezonde en zorg-neutrale toekomst? Het idee is dat initiatieven van bewoners een grote rol kunnen spelen bij het vormgeven van deze toekomst.

In deze wet is ‘participatie’ bij initiatieven in ruimtelijke ontwikkeling dan ook verplicht. Dat betekent dat de gemeente belanghebbenden moet betrekken bij besluiten over de leefomgeving. En dat de gemeente meer en intensiever samen gaan werken met ontwikkelaars, ontwerpers, experts, adviseurs én bewoners.

Na gezamenlijke besluiten moeten plannen en ontwerpen gemaakt worden waar iedereen zich voldoende in herkent. Dat maakt goede samenwerking tussen bewoners en lokale partijen essentieel. Als bewoners en andere partijen in de buurt samenwerkt (via co-creatie) leidt dit tot meerwaarde voor de leefomgeving. (Stenfert en Graaff, 2019).

Communicatie met de gemeente

Meer tips vind je in de handleiding Samenwerken van Landelijk Samenwerkingsverband Actieve Bewoners (LSA).

Uit onderzoek blijkt dat goed communiceren (inclusief monitoren, evalueren, rapporteren, verslagleggen en leren) een belangrijke voorwaarde is om concrete stappen te zetten in de ontwikkeling van een duurzame leefomgeving (vrij naar Diepenmaat, 2018 in: Schöne et al, Platform31 & Hier Opgewekt, 2019).  Persoonlijk contact met de gemeente maakt het mogelijk om communicatiefouten te voorkomen of op te helderen. Ook kan je dan direct doorvragen en kunnen er sneller stappen worden gezet waardoor het proces soepeler verloopt (Geerts, Universiteit Utrecht, 2017).

In de praktijk hebben bewonersinitiatieven vooral behoefte aan kennisoverdracht, praktische handelingsperspectieven en ondersteuning. Gemeenten wordt dan ook geadviseerd om met een één-loket-aanpak te werken en concrete handvatten voor initiatiefnemers te geven. Kijk bij je gemeente hoe dit is georganiseerd.

Den Ouden, Boogaard en Driessen, Universiteit Leiden, 2018

https://www.hieropgewekt.nl/kennisdossiers/energiecooperatie-als-samenwerkingspartner-in-gemeentelijke-energietransitie

Lobby

Om de dromen en idealen van een bewonersinitiatief te realiseren is het vaak nodig om samen te werken met de gemeente. Om de gemeente mee te krijgen kun je een plan schrijven met daarin de kernboodschap van het bewonersinitiatief waarmee jenaar buiten kunt treden. Deze kun je gebruiken in gesprekken met lokale partnerorganisaties, raadsleden, wethouders, ambtenaren, media en andere organisaties. Ook tijdens de uitvoering van een initiatief en na afloop kan je  aan de hand van dit plan bekijken of en hoe de doelen zijn bereikt.

Hulp bij het opstellen van een lobbyplan:

Elementen die in een lobbyplan kunnen worden opgenomen zijn (De Jong et al, Public Affairs Academie en Van Oort & Van Oort, 2019):

  • De omgevingsanalyse: wie zijn de belangrijkste spelers in de buurt of wijk?
  • De doelstelling: wat willen de initiatiefnemers (precies) bereiken?
  • De strategie: hoe worden de tussendoelen en het einddoel gerealiseerd?
  • De doelgroepen: wat zijn de belangen van bewoners, groepen en organisaties die bij het initiatief betrokken zijn of (moeten) worden?
  • De kernboodschap: wat willen de initiatiefnemers en waarom; bezien vanuit het belang van de anderen en wat kunnen zij daaraan bijdragen?
  • De middelen en planning: wanneer kunnen welke acties het beste ondernomen worden?
  • De evaluatie: wat is tussentijds en achteraf van acties en resultaten te leren en bij te sturen?

Een plan alleen is niet genoeg om het idee te realiseren. Hoe vindt de besluitvorming binnen de gemeente (lokale politieke situatie en (formele) ambtelijke organisatie) plaats? En wanneer is er gelegenheid om invloed uit te oefenen op het systeem (politiek, ambtelijk, bestuurlijk, advies)? Om hier achter te komen, helpt het om een goede relatie op te bouwen met lokale politici en op de hoogte te blijven van wat er speelt. Een goede relatie tussen initiatiefnemers en lokale politici kan bepalen of het initiatief op de agenda komt. (Dorpshuizen.nl politiek). Als mensen elkaar persoonlijk kennen en laagdrempelig, informeel en persoonlijk contact hebben, komen bewoners, bewonersinitiatieven, ondersteuners en andere maatschappelijke organisaties dichter bij elkaar (Geerts, Universiteit Utrecht, 2017).

Buurtrechten

 Het Landelijk Samenwerkingsverband Actieve bewoners (LSA) pleit er voor om burgerinitiatieven te stimuleren met de officiële erkenning van zogenoemde buurtrechten om bewoners meer zeggenschap te geven over hun directe leefomgeving.

Deze buurtrechten zijn:

Door het (lokaal) invoeren van deze rechten zouden gemeenschappen meer bevoegdheden krijgen. Zo zou een meer actieve en betrokken samenleving ontstaan, met minder bureaucratie en onvrede.

Op de buurtrechtenkaart (https://www.lsabewoners.nl/buurtrechten/kaart/) kun je opzoeken hoe ver jouw gemeente is met het invoeren van deze rechten.

Wat is het Uitdaagrecht (Right to challenge)?

Via het Right to challenge (RtC) of Uitdaagrecht kan een groep (georganiseerde) bewoners taken van gemeenten overnemen als zij denken dat het anders, beter, slimmer en/of goedkoper kan. De relatie tussen overheid en bewoners verandert met het RtC in de relatie opdrachtgever-opdrachtnemer.

Via RtC dienen bewoners een challenge in bij een gemeente. Ze kunnen dan vragen om een dienst of taak zelf uit te voeren in plaats van de gemeente. Het resultaat kan zijn dat ze hier financiële steun en verantwoordelijkheid voor krijgen van de gemeente. Maar het kan ook dat bewoners willen dat een dienst of taak beter kan worden uitgevoerd. Dan kan de gemeente met bewoners overleggen hoe het beter kan en daar afspraken over maken.

Ruim 1 op de 5 gemeenten heeft het RtC ingevoerd en experimenteert ermee. Maar vaak weten bewoners niet goed hoe ze het recht kunnen gebruiken en weten gemeenten niet goed hoe ze om moeten gaan met bewoners die het recht gebruiken.

Het RtC wordt ook gebruikt in zorg en ondersteuning, en daarvoor is er een kompas Right to Challenge ontwikkeld die uitlegt wat het is en hoe je het kunt gebruiken

(de Bruijn et al, Movisie, Vilans & LSA) (https://www.movisie.nl/publicatie/kompas-right-challenge-wmo) =

De meeste ervaring met RtC is opgedaan door kleinschalige bewonersinitiatieven voor bijvoorbeeld het beheer of onderhoud van sportvelden of buurthuizen. Er is geen standaard werkwijze, waardoor de challenges lokaal verschillend worden ingevuld. (van der Krieken, MinBZK, 2018).

Gemeenten, actieve inwoners en sociaal ondernemers werken sinds enige tijd samen in een z.g. Community of Practice Right to Challenge. Op basis van de ervaringen is een ‘Tip-Top 10’ voor inwoners en gemeenten samengesteld als handreiking voor iedereen die met Right to Challenge bezig is of daarmee wil beginnen:

  1. Kies er bewust voor
  2. Bepaal samen de definitie
  3. Leg een basis met transparantie
  4. Experimenteer, leer en reflecteer!
  5. Houd een breed perspectief
  6. Denk en werk procesmatig
  7. Werk toe naar volwaardig partnerschap
  8. Zoek ruimte in de regels
  9. Werk met een vaste contactpersoon
  10. Laat je inspireren

Op de website van het netwerk Right to Challenge (R2C) (https://www.righttochallenge.nl/) en de Kennisbank Buurtrechten (https://www.lsabewoners.nl/buurtrechten/kennis-informatie/) is veel informatie te vinden over het Recht om uit te dagen.

Welke overheden ondersteunen bewonersinitiatieven?

 

Gemeenten

Veel gemeenten hebben fondsen voor lokale initiatieven voor bijvoorbeeld wonen, welzijn, groen, natuur, circulaire economie, energie en klimaatadaptatie.

 

Elke gemeente moet onder de Omgevingswet een omgevingsvisie maken, met haar ambities en beleidsdoelen voor de leefomgeving op de lange termijn. Ook stelt de gemeente een omgevingsplan op met alle regels voor de leefomgeving en maakt beoordelingsregels voor omgevingsvergunningen. Daarnaast stellen gemeenten ‘programma’s’ op, bijvoorbeeld een ‘actieplan geluid’ over omgevingslawaai en een ‘programma bij dreigende overschrijding omgevingswaarde’ over luchtkwaliteit. Bij al deze instrumenten moeten gemeentes eisen vanuit de Omgevingswet volgen. In zogenaamde ‘spiekbriefjes’ van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) (https://vng.nl/publicaties/spiekbriefjes-omgevingswet-juridische-kerninstrumenten) staat welke keuzemogelijkheden en verplichtingen de gemeente heeft.

Gemeenten hebben een belangrijke rol in het stimuleren van duurzame mobiliteit, infrastructuur, bedrijventerreinen, energieverbruik van woningen en zonne- en windenergie. Gemeenten moeten samenwerken met lokale partijen om doelstellingen op het gebied van duurzaamheid te behalen. Ga na bij jouw gemeente hoe ze met bewonersinitiatieven omgaan. Gemeenten kunnen vanuit hun rol verschillende activiteiten ondernemen om lokale partijen te stimuleren: (Bottema, KplusV, 2018):

  • Aangeven wat de gevolgen zijn van het duurzaamheidsbeleid voor bewonersinitiatieven.
  • Transparantie over regelgevingen en (het aanvragen van) vergunningen.
  • Optreden als ‘makelaars’ om met de kennis van lokale economie en bedrijvigheid partijen bij elkaar brengen om te inspireren en ervaringen uit te wisselen.
  • Informatie verstrekken over mogelijkheden in de leefomgeving via bijeenkomsten, het energieloket of online .
  • Open staan voor en verwelkomen van innovatieve ideeën uit de samenleving.
  • Zorgen voor verwachtingsmanagement en aangeven waar invloed van bewoners begint en eindigt (bijvoorbeeld bij landelijke regelgeving).

Waterschap

Waterschappen zorgen voor voldoende en schoon water en waterveiligheid en hechten daarom belang aan het vergroten van het waterbewustzijn en duurzaam waterbeheer. Daar waar bewonersinitiatieven bijdragen aan waterkwaliteit, het beperken van wateroverlast en bijvoorbeeld hittestress kan het voor waterschappen interessant zijn om die te ondersteunen.

Zo kunnen ze bijvoorbeeld bijdragen aan het maken van een waterspeelplaats voor kinderen of natuurvriendelijke oevers, het vergroenen van stadswater met vlotten van waterplanten, de aanleg van een ijsvogelwand, of de organisatie van een waterexcursie door de buurt. Maar ook bij initiatieven als het aanleggen van een klimaatbestendige binnentuin of schoolplein.

Verschillende waterschappen gebruiken hun eigen regelingen en subsidies, bijvoorbeeld de regeling Blauwe Bewonersinitiatieven, die initiatieven in Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden subsidieert.

Waterschappen willen ook samenwerken met bewoners in het kader van het klimaatakkoord, en stellen bijvoorbeeld hun terreinen beschikbaar aan energieprojecten van bewoners en lokale energiecoöperaties. Ze werken ook mee aan innovaties zoals aquathermie (warmte uit afval-, drink- en oppervlaktewater) als alternatief voor aardgas.

Provincie

Om duurzaamheidsinitiatieven van bewoners te ondersteunen stellen provincies subsidies en/of vouchers beschikbaar voor het opzetten van duurzaamheidsprojecten. Die kun je aanvragen voor een lokale energiecoöperatie (soms in samenwerking met bedrijven, de gemeente en/of de omgevingsdienst); of voor groene bewonersinitiatieven.

Je kunt in jouw provincie naar subsidies of vouchers zoeken. Soms wordt daar een speciaal loket voor opgericht zoals Groen aan de Buurt; een samenwerking tussen IVN Utrecht, Landschap Erfgoed Utrecht en de Natuur en Milieufederatie Utrecht (gefinancierd door de provincie Utrecht). In andere gevallen worden informatie en formulieren beschikbaar gesteld via het digitaal loket van de omgevingsdienst, zoals via Omgevingsdienst IJmond (odijmond).

Omgevingsdiensten (https://www.omgevingsdienst.nl/) geven in opdracht van gemeenten en provincies vergunningen uit en zorgen voor toezicht en handhaving op het gebied van milieu.

Wanneer en hoe krijg ik voor mijn initiatief te maken met de overheid? 

Wanneer en waar moet ik een Omgevingsvergunning aanvragen?

Wanneer een bewonersinitiatief activiteiten wil organiseren, bouwen, aanleggen, slopen of kappen, dan is het soms nodig een omgevingsvergunning aan te vragen. Voor welke activiteiten een omgevingsvergunning nodig is staat op de pagina van de overheid over omgevingsvergunning aanvragen. Een omgevingsvergunning is niet altijd nodig, zoals bij het leggen van de meeste zonnepanelen (zie vergunningvrij bouwen).

Een aanvraag indienen kan via de website van de gemeente of via Omgevingsloket online. Op die site staat ook een vergunningscheck om te zien of een omgevingsvergunning nodig is. Na het indienen kun je op Omgevingsloket online ook de voortgang van de aanvraag volgen.

Op de site van de overheid staat ook informatie over onder meer: